ECLI:NL:RBMAA:2005:AT9418
Rechtbank Maastricht
- Kort geding
- F.B. Groen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot herstel nutsvoorzieningen en ongestoord bezit in bruikleenzaak
Eisers hebben in kort geding gevorderd dat gedaagden worden veroordeeld om binnen twee dagen de afgesloten gas-, water- en elektriciteitsvoorziening te herstellen, verwijderde inboedel terug te plaatsen en ongestoord bezit van de woningen te verschaffen. De bruikleenovereenkomsten tussen partijen zijn voor onbepaalde tijd gesloten en bevatten bepalingen dat geen sprake is van huurovereenkomst en dat huurbescherming niet van toepassing is.
Eisers betwisten dit en stellen dat de inhoud van de overeenkomsten en de betaling van een gebruiksvergoeding feitelijk duiden op een huurovereenkomst, waarbij zij zich beroepen op vernietigbaarheid van bepalingen die in strijd zijn met dwingendrechtelijke huurrechtbepalingen. Daarnaast verwijten zij gedaagden eigenrichting door afsluiting van nutsvoorzieningen en onrechtmatige betreding en ontruiming van woningen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het niet aan hem is om in kort geding definitief te bepalen of sprake is van huur of bruikleen, en dat dit een zaak is voor de kantonrechter tenzij dit zonder diepgaand onderzoek duidelijk is. Gezien de overeenkomststekst en het verweer van gedaagden is voorshands onvoldoende aannemelijk dat sprake is van huur. Verder ontbreekt het aan een spoedeisend belang voor het treffen van voorzieningen, mede omdat eisers geen concrete problematische woonsituaties hebben aangetoond.
Daarom wijst de voorzieningenrechter de vordering af en veroordeelt eisers in de proceskosten. De ontbinding of opzegging van de bruikleenovereenkomsten door gedaagden wordt niet inhoudelijk behandeld in dit kort geding.
Uitkomst: Vordering tot herstel nutsvoorzieningen en ongestoord bezit wordt afgewezen wegens ontbreken spoedeisend belang.