ECLI:NL:RBMAA:2005:AU1681
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.M.A. Eijck
- A.C.A. Schreinemakers
- Th.M.C.J. Schalken
- Rechtspraak.nl
Redelijke termijn geschonden bij tenuitvoerlegging Spaanse gevangenisstraf
De rechtbank Maastricht behandelde op 20 juli 2005 de zaak betreffende de tenuitvoerlegging van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vijf jaren opgelegd door een Spaanse rechtbank aan de veroordeelde, een Nederlandse staatsburger. De veroordeelde werd in Spanje veroordeeld voor het vervoeren van grote hoeveelheden cocaïne met het oog op distributie.
De rechtbank stelde vast dat aan alle voorwaarden voor tenuitvoerlegging volgens het Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen was voldaan en verklaarde de tenuitvoerlegging toelaatbaar. Echter, de rechtbank oordeelde dat het recht van de veroordeelde op een openbare behandeling binnen een redelijke termijn, zoals gewaarborgd in artikel 6 EVRM Pro, grovelijk was geschonden. De periode tussen de aanhouding en de zitting bedroeg ruim drie jaar en vier maanden.
Hoewel de rechtbank niet tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie overging, legde zij een gevangenisstraf op van twee jaren in plaats van de vijf jaren die in Spanje was opgelegd. Hierbij werd rekening gehouden met de schending van de redelijke termijn, de persoonlijke omstandigheden van de veroordeelde en de reeds in Spanje doorgebrachte detentie.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Maastricht, waarbij tevens werd bepaald dat de tijd die de veroordeelde in Spanje in detentie had doorgebracht volledig in mindering zou worden gebracht op de Nederlandse straf.
Uitkomst: Tenuitvoerlegging van de Spaanse gevangenisstraf is toelaatbaar, maar de opgelegde straf wordt verminderd tot twee jaren wegens schending van het recht op een redelijke termijn.