ECLI:NL:RBMAA:2006:AV0692
Rechtbank Maastricht
- Kort geding
- F.B. Bergmans
- Rechtspraak.nl
Verwijdering overhangende takken van zomereiken nabij erfgrens
Eiser is eigenaar van een perceel grenzend aan dat van gedaagden, waar vier zomereiken staan waarvan takken over de erfgrens hangen en schade veroorzaken aan eigendom van eiser. Eiser vordert in kort geding dat gedaagden de overhangende takken verwijderen en verwijderd houden, al dan niet na het verkrijgen van een kapvergunning, en legt een dwangsom op bij niet-naleving.
De voorzieningenrechter constateert dat het recht van eiser om overhangende takken eigenmachtig te verwijderen op grond van artikel 5:44 BW Pro niet aan verjaring onderhevig is en dat gedaagden ondanks sommatie nalaten de takken te verwijderen. Het verweer dat het snoeien de bomen zou beschadigen wordt onvoldoende onderbouwd en het deskundigenrapport bevestigt dat verwijdering zonder problemen mogelijk is.
De voorzieningenrechter wijst de vorderingen tot knotten en het verwijderen van toekomstige takken af omdat die het bestek van het kort geding te buiten gaan. Ook worden de vorderingen tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing. De kosten van de procedure worden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Het vonnis veroordeelt gedaagden hoofdelijk om binnen een week na betekening de overhangende takken te verwijderen en verwijderd te houden, onder verbeurte van een dwangsom van € 500 per dag met een maximum van € 10.000. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot verwijdering van overhangende takken binnen een week onder verbeurte van een dwangsom.