ECLI:NL:RBMAA:2006:AV5993
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens toepassing artikel 1:88 BW bij internationale overeenkomst
De rechtbank Maastricht behandelde een civiele zaak waarin eiseres, een Duitse rechtspersoon, een vordering instelde tegen gedaagde. Eiseres stelde dat Duits recht van toepassing was en dat artikel 1:88 BW Pro niet van toepassing kon zijn. Tevens voerde zij verjaring aan en betwistte de Nederlandse verblijfplaats van de echtgenote van gedaagde.
De rechtbank oordeelde dat artikel 3 van Pro de Wet conflictenrecht huwelijksbetrekkingen (WCH) artikel 1:88 BW Pro een internationaal karakter geeft, waardoor een in Nederland wonende echtgenoot zich op dit artikel kan beroepen, ook bij toepassing van Duits recht. De stelling van eiseres dat het toestemmingsvereiste in Duits recht niet bestaat, werd gepasseerd.
Het beroep op verjaring faalde omdat de verjaringstermijn niet begint te lopen op het moment van sluiten van de overeenkomst en eiseres dit niet had toegelicht. De betwisting van de verblijfplaats van de echtgenote werd eveneens gepasseerd wegens onvoldoende onderbouwing.
Omdat eiseres geen andere verweren voerde tegen het beroep op vernietiging, werd de vordering afgewezen. De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af en compenseert de proceskosten.