ECLI:NL:RBMAA:2006:AX9899
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en voorwaardelijke straf bij bedreiging en mishandeling met mes
De rechtbank Maastricht behandelde op 31 mei 2006 de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het steken in een been van het slachtoffer met een mes met het oogmerk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, en van meervoudige mishandeling.
Uit het onderzoek ter terechtzitting bleek dat het opzet van verdachte niet gericht was op het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel. De rechtbank oordeelde dat het steken in het been, zoals gepleegd, geen zwaar lichamelijk letsel kan veroorzaken en sprak verdachte vrij van de poging tot zwaar lichamelijk letsel. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte het slachtoffer op dreigende wijze met een mes heeft bedreigd en haar meermalen heeft mishandeld.
De rechtbank hield rekening met een psychologisch rapport waaruit bleek dat verdachte een licht verminderde toerekeningsvatbaarheid had. De officier van justitie eiste een gevangenisstraf van vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden, terwijl de verdediging pleitte voor vrijspraak of een geheel voorwaardelijke straf.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van drie maanden, waarvan de tenuitvoerlegging werd opgeschort onder voorwaarden waaronder gedragsregels en therapie via de reclassering. Tevens werd het beslag op een vleesmes opgeheven en het bevel tot voorlopige hechtenis beëindigd.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van poging tot zwaar lichamelijk letsel en veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie maanden wegens bedreiging en mishandeling.