ECLI:NL:RBMAA:2006:AZ0582
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.A.E. van Binnebeke
- W.L.J. Voogt
- R. Niessen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens bijstandsfraude met oplegging voorwaardelijke werkstraf
De rechtbank Maastricht heeft verdachte veroordeeld wegens bijstandsfraude gepleegd tussen 1 maart 1996 en 30 januari 2005. Verdachte maakte opzettelijk gebruik van voorzieningen en goederen betaald uit een uitkering die door valsheid in geschrifte was verkregen door zijn (ex-)echtgenote, met wie hij samenwoonde.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte gedurende de gehele periode samen met zijn (ex-)echtgenote een gezamenlijke huishouding voerde, ondanks betwisting door verdachte. Het bewezenverklaarde betreft het opzettelijk voordeel trekken uit door misdrijf verkregen goederen.
Hoewel het onterecht ontvangen bedrag hoog en de pleegperiode lang was, hield de rechtbank rekening met de gezondheid van verdachte, zijn zorg voor een gehandicapte zoon en het geringe recidivegevaar. Daarom werd een voorwaardelijke werkstraf van 120 uur opgelegd met een proeftijd van twee jaar.
De rechtbank sprak verdachte vrij van andere tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden. Indien de taakstraf niet wordt verricht, geldt vervangende hechtenis van 60 dagen. De straf is gebaseerd op artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 416 Sr.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke werkstraf van 120 uur met een proeftijd van twee jaar wegens bijstandsfraude.