ECLI:NL:RBMAA:2006:AZ9773
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.G.A.M. Veugelers
- Rechtspraak.nl
Vergoeding kosten rechtsbijstand na herziening herplaatsingstoelage ABP
Eiser werd in 1994 arbeidsongeschikt verklaard en kreeg een herplaatsingstoelage bij herplaatsing voor 20 uur per week. Na diverse wijzigingen in zijn arbeidsongeschiktheid beëindigde ABP in juli 2003 deze toelage. Eiser maakte bezwaar en beroep, waarna ABP in maart 2005 het besluit introk en de toelage hervatte.
Eiser vorderde vergoeding van de kosten van rechtsbijstand die hij maakte tijdens de beroepsprocedure. ABP stelde dat de herziening het gevolg was van een ambtshalve nieuwe beoordeling door het UWV en dat de interne bezwaar- en beroepsprocedure laagdrempelig was, waardoor geen advocaatkosten noodzakelijk waren.
De rechtbank oordeelde dat de procedure te lang duurde, dat het inschakelen van een advocaat niet onnodig was gezien de complexiteit, en dat de kosten redelijk waren. Op grond van artikel 6:96 lid 2 BW Pro wees de rechtbank de gevorderde vergoeding van €1.349,49 toe, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de dagvaarding. ABP werd tevens veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: ABP is veroordeeld tot vergoeding van redelijke kosten rechtsbijstand van €1.349,49 plus wettelijke rente vanaf dagvaarding.