ECLI:NL:RBMAA:2007:AZ7185
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E.J.H.G. van Binnebeke
- M.A.H. Span-Henkens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing langdurigheidstoeslag wegens onvoldoende motivering inherente afwijkingsbevoegdheid
Eiser ontvangt sinds 2002 een bijstandsuitkering en vroeg in 2005 een langdurigheidstoeslag aan. Verweerder weigerde deze toe te kennen vanwege een eerder opgelegde maatregel wegens onvoldoende medewerking aan een medisch onderzoek. Eiser had aanvankelijk geweigerd mee te werken aan een GGD-keuring, maar later alsnog medewerking verleend. Een psychologisch onderzoek adviseerde tijdelijke ontheffing van arbeidsverplichtingen wegens psychopathologie.
Verweerder handhaafde de afwijzing van de toeslag omdat volgens hem het eerdere besluit waarin de maatregel werd opgelegd in rechte vaststaat en eiser daardoor niet aan de voorwaarden voldoet. Eiser stelde dat verweerder de bijzondere omstandigheden en de mate van verwijtbaarheid onvoldoende heeft meegewogen, wat strijdig is met het zorgvuldigheids- en redelijkheidsbeginsel.
De rechtbank oordeelt dat verweerder weliswaar beleid heeft geformuleerd dat het opleggen van een maatregel wegens niet-medewerking relevant acht voor de toeslag, maar dat in het bestreden besluit onvoldoende is ingegaan op de bijzondere omstandigheden en de inherente afwijkingsbevoegdheid. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen, waarbij ook de psychische gesteldheid en verwijtbaarheid worden betrokken.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.