ECLI:NL:RBMAA:2007:BB0831
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.N.F. Sleddens
- E.W.A. van den Berg
- M. Senden
- Rechtspraak.nl
Beslissing op bezwaarschrift tegen onthouding van kennisneming processtukken aan verdachte in moordzaak
De rechtbank Maastricht behandelde op 27 juli 2007 het bezwaarschrift van verdachte tegen de beschikking van het Openbaar Ministerie om hem kennisneming van bepaalde processtukken te onthouden. Het bezwaar richtte zich op de vraag of deze onthouding gerechtvaardigd was.
Volgens artikel 33 van Pro het Wetboek van Strafvordering mag kennisneming van processtukken niet worden onthouden zodra het gerechtelijk vooronderzoek is gesloten of de dagvaarding is betekend, tenzij sprake is van een pro forma zitting waarbij het onderzoek nog loopt en het vrezen is dat kennisneming de waarheidsvinding ernstig zou belemmeren. De rechtbank oordeelde dat in deze moordzaak sprake is van een uitzonderlijke situatie waarin het belang van de waarheidsvinding zwaarder weegt dan het belang van verdachte om kennis te nemen van de stukken.
De rechtbank stelde vast dat het onderzoek nog voortduurt en dat onthouding van de stukken gerechtvaardigd is om de waarheidsvinding niet te schaden. Tevens werd geoordeeld dat de verdediging daardoor niet op een onherstelbare achterstand wordt gezet. Daarom werd het bezwaarschrift ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het bezwaarschrift van verdachte tegen de onthouding van kennisneming van processtukken wordt ongegrond verklaard.