ECLI:NL:RBMAA:2007:BB3150
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.A.J.M. Provaas
- J. Wöretshofer
- M. Senden
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijke teelt en bezit van hennep in Brunssum
De rechtbank Maastricht heeft op 26 juni 2007 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die op of omstreeks 20 februari 2006 in Brunssum opzettelijk hennep heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, met een hoeveelheid van ongeveer 19.900 gram hennep en 122 hennepplanten.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte dit strafbare feit heeft begaan, maar sprak hem vrij van andere tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden. De verdediging voerde onder meer aan dat de hennep nog niet gedroogd was en daardoor minder gewicht had, wat door de rechtbank werd verworpen op basis van ambtelijke processen-verbaal.
Ook werd een betoog van de verdediging verworpen dat de machtiging voor binnenkomst van het pand onrechtmatig was vanwege een handmatig toegevoegde letter 'b' achter het huisnummer, aangezien dit huisnummer niet officieel was en de toevoeging geen waarde had.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van vier maanden, waarvan de uitvoering werd opgeschort onder een proeftijd van twee jaar, en tot een taakstraf van 120 uur. Vervangende hechtenis van zestig dagen werd opgelegd indien de taakstraf niet naar behoren zou worden uitgevoerd.
De strafrechtelijke kwalificatie betrof een overtreding van artikel 3, onder B, van de Opiumwet, en de strafbepalingen uit het Wetboek van Strafrecht en de Opiumwet werden toegepast. Verdachte was niet eerder veroordeeld, wat in zijn voordeel werd meegewogen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier maanden en een taakstraf van 120 uur wegens opzettelijke teelt en bezit van hennep.