ECLI:NL:RBMAA:2008:BC1628
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vordering tot verwijdering bomen wegens ontbreken mede-eigenaar als partij
Eisers vorderden dat gedaagde alle bomen binnen twee meter van de rooilijn zou verwijderen vanwege overlast door gebrek aan zonlicht en vallende bladeren. Gedaagde verweerde zich primair met het verweer dat haar echtgenoot mede-eigenaar is van de grond waarop de bomen staan, en dat hij niet als partij is betrokken. De rechtbank oordeelde dat op grond van artikel 5:42 lid 1 BW Pro de vordering tegen alle rechthebbende eigenaren moet worden ingesteld om een effectief vonnis te kunnen verkrijgen.
De rechtbank stelde vast dat een vonnis tegen slechts één eigenaar onvoldoende effect zou hebben, omdat het niet afdwingbaar is tegen de andere mede-eigenaar. Bovendien zou het verwijderen van de bomen zonder instemming van de mede-eigenaar een onomkeerbare inbreuk op diens eigendomsrecht betekenen. Omdat de echtgenoot van gedaagde niet is betrokken en niet akkoord gaat met het verwijderen, kon de vordering niet worden toegewezen.
De rechtbank zag daarom geen aanleiding om inhoudelijk in te gaan op de overige verweren zoals de overlast, verjaring en erfdienstbaarheid. Eisers werden niet ontvankelijk verklaard en veroordeeld in de proceskosten van gedaagde.
Uitkomst: Eisers worden niet ontvankelijk verklaard omdat niet alle mede-eigenaren als gedaagden zijn betrokken.