ECLI:NL:RBMAA:2008:BD8991
Rechtbank Maastricht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen gefaseerde sluiting woning op grond van Opiumwet
De burgemeester van Kerkrade heeft op grond van artikel 13b van de Opiumwet besloten tot een gefaseerde sluiting van gedeelten van een woning aan een adres te Kerkrade voor zes maanden. Verzoekers, huurders van kamers in deze woning, stelden dat deze sluiting hun huurrecht schaadt, met name door het beperken van de toegang tot het trapportaal dat toegang geeft tot de kelder en buitenplaats.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verweerder zich terecht op artikel 13b Opiumwet heeft gebaseerd. Hoewel verzoekers ontkenden dat er drugsactiviteiten in hun kamers plaatsvonden, woog dit niet op tegen de politierapportages en processen-verbaal die de sluiting onderbouwen. De principiële uitleg van het begrip 'woning' in artikel 13b is voorbehouden aan de hoofdzaak.
De rechter stelde vast dat het vrije gebruik van de kamers en gemeenschappelijke ruimten door verzoekers niet wordt aangetast. De toegang tot het trapportaal wordt weliswaar vanuit de woning afgesloten, maar blijft via een aparte buitendeur toegankelijk. Hierdoor kunnen verzoekers zonder noemenswaardig nadeel de hoofdzaak afwachten.
Gezien het ontbreken van zwaarwegende belangen en spoedeisendheid wees de voorzieningenrechter het verzoek tot voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening tegen de gefaseerde sluiting van delen van de woning wordt afgewezen.