ECLI:NL:RBMAA:2008:BD9019
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering KBC wegens verjaring aansprakelijkheid schade benzinepompen
Op 24 augustus 1997 veroorzaakte een uitzendkracht zonder rijbewijs schade aan benzinepompen bij een pompstation door een stuurfout met een Toyota van gedaagde sub 1. KBC, de verzekeraar van gedaagde sub 1, had de dekking opgeschort wegens niet-betaling van premies en vergoedde de schade aan de eigenaar van de pompen.
KBC stelde Adecco, de werkgever van de uitzendkracht, en gedaagde sub 1 aansprakelijk voor de schade en vorderde vergoeding. Beide gedaagden voerden verjaring aan. KBC stelde dat zij tijdig stuitingshandelingen had verricht, waaronder aangetekende brieven.
De rechtbank oordeelde dat KBC onvoldoende bewijs leverde van tijdige stuiting jegens gedaagde sub 1, waardoor de vordering verjaard was. Ten aanzien van Adecco werd geoordeeld dat de brief van 19 juli 2002 geen geldige stuiting vormde omdat deze geen onvoorwaardelijke aanmaning inhield.
Daarom wees de rechtbank de vorderingen van KBC af en veroordeelde KBC tot betaling van de proceskosten aan de zijde van beide gedaagden. Het vonnis werd gewezen door rechter J.J. Verhoeven.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van KBC af wegens verjaring en veroordeelt KBC in de proceskosten.