ECLI:NL:RBMAA:2008:BE0054
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.A.P. Hillen
- Th.A.J.M. Provaas
- M.E.M.W. Nuijts
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor onttrekking minderjarige aan gezag en uitvoer amfetamine
De rechtbank Maastricht heeft verdachte veroordeeld voor twee feiten: het onttrekken van zijn minderjarige zoon aan het wettig gezag en het opzettelijk buiten Nederland brengen van circa 22,68 gram amfetamine. De onttrekking vond plaats door het meenemen van de minderjarige vanuit een internaat naar een boot, zonder toestemming van het gezag en zonder dit te melden aan de gezagsdragers. Verdachte hield zijn zoon gedurende ruim drie weken op de boot, zonder contact met de gezagsdragers.
De rechtbank oordeelde dat de strafverzwarende omstandigheid van bedreiging met geweld niet wettig en overtuigend bewezen kon worden, omdat niet kon worden vastgesteld dat verdachte zodanige psychische druk had uitgeoefend dat de minderjarige daaraan geen weerstand kon bieden. Verdachte had wel drugs op de boot aanwezig, wat door getuigenverklaringen en vondst bij aanhouding in België werd bevestigd.
De verdediging had vrijspraak bepleit, onder meer omdat de minderjarige zelf het initiatief had genomen om weg te gaan en vanwege het ontbreken van een NFI-rapportage. De rechtbank verwierp deze argumenten en achtte bewezen dat verdachte de feiten had begaan. Gelet op de ernst van de feiten en eerdere veroordelingen legde de rechtbank een gevangenisstraf van 12 maanden op, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en de bijzondere voorwaarde van reclasseringstoezicht, inclusief mogelijke ambulante behandeling en gedragsinterventies.
De tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht op de straf. De rechtbank sprak verdachte vrij van overige tenlastegelegde feiten die niet wettig en overtuigend bewezen konden worden.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 12 maanden gevangenisstraf waarvan 4 maanden voorwaardelijk met reclasseringstoezicht.