ECLI:NL:RBMAA:2008:BF1325
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot betaling en rente op grond van notariële schuldbekentenis na echtscheiding
Partijen waren gehuwd en na ontbinding van het huwelijk maakten zij op 2 februari 2000 een notariële schuldbekentenis op. Gedaagde erkende daarin een schuld van fl. 90.000,- aan eiseres, met een rente van 3% per jaar en maandelijkse aflossingen van minimaal fl. 2.500,-. Gedaagde heeft enkele aflossingen verricht, maar is daarna gestopt met betalen. Eiseres vordert betaling van het resterende bedrag van € 15.390,23 inclusief rente en kosten.
Gedaagde betwist de vordering deels en voert aan dat bepaalde betalingen als voorschot of verrekening in mindering hadden moeten worden gebracht. De rechtbank oordeelt dat de vordering grotendeels niet wordt betwist en dat het verrekeningsverweer onvoldoende is onderbouwd. Nadere vaststelling van verrekening is niet mogelijk zonder aanvullend onderzoek.
De rechtbank veroordeelt gedaagde tot betaling van het gevorderde bedrag vermeerderd met contractuele rente vanaf 6 juli 2007 tot volledige voldoening. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 15.390,23 plus 3% rente per jaar vanaf 6 juli 2007, met compensatie van proceskosten.