ECLI:NL:RBMAA:2008:BF5161
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank Maastricht oordeelt over rechtsgeldige huuropzegging en betalingsachterstand bedrijfsruimte
In deze zaak gaat het om een geschil tussen Trans Invest N.V. als verhuurder en een commanditaire vennootschap met haar beherend vennoot als huurder van een bedrijfsruimte. De huurovereenkomst betrof een periode van vijf jaar vanaf 1 januari 2003. De huurder stelde de overeenkomst schriftelijk te hebben opgezegd op 21 oktober 2005, maar Trans Invest betwistte de rechtsgeldigheid van deze opzeggingsbrief vanwege niet-naleving van de dwingende wettelijke opzegtermijnen en -vormen.
De huurder had de bedrijfsruimte per 1 oktober 2007 ontruimd en een ontbindingsprocedure aangespannen die was afgewezen. Trans Invest stelde dat de huur nog doorliep en vorderde betaling van achterstallige huurpenningen vanaf mei 2007 tot en met februari 2008, incassokosten en wettelijke rente. De huurder betwistte deze vorderingen en voerde onder meer aan dat de huurovereenkomst rechtsgeldig was opgezegd en dat hij niet gehouden was tot betaling.
De rechtbank oordeelde dat de opzeggingsbrief van 21 oktober 2005 Trans Invest had bereikt en dat uit de omstandigheden, waaronder de ontbindingsprocedure en ontruiming, duidelijk was dat de huurder de huurovereenkomst wilde beëindigen. De formele eisen van artikel 7:293 BW Pro werden in dit geval door de redelijkheid en billijkheid gecompenseerd. De huurovereenkomst eindigde daarom per 1 januari 2008. De huurder werd veroordeeld tot betaling van de huur vanaf mei 2007 tot en met december 2007 minus juli 2007, en tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten en rente. Proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: De huurder is veroordeeld tot betaling van achterstallige huur en incassokosten, terwijl de opzegging van de huurovereenkomst als tijdig en rechtsgeldig is beoordeeld.