ECLI:NL:RBMAA:2008:BF7462
Rechtbank Maastricht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening jachtakte na intrekking
Verzoeker had een jachtakte die was ingetrokken wegens het ontbreken van een verlof voor het bezit van bepaalde trekkergroepen. Hij diende een nieuwe aanvraag in die werd afgewezen. Verzoeker vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening om de jachtakte en de in bewaring gegeven wapens terug te krijgen, zodat hij weer bevoegd kon jagen.
De voorzieningenrechter overwoog dat voor het treffen van een dergelijke ordemaatregel een (zeer) zwaarwegend spoedeisend belang vereist is, waarbij met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid moet worden geoordeeld dat de aanvraag ten onrechte is afgewezen. Verzoeker stelde dat hij schade aan fruit en gewassen moet voorkomen en anders een forse schadeclaim riskeert.
De rechter nam mee dat er tot dan toe geen zichtbare schade was en verzoeker nog niet aansprakelijk was gesteld. Ook ontbraken concrete, betrouwbare en verifieerbare gegevens over de schade en financiële consequenties. De enkele stelling van mogelijke financiële problemen bij een toekomstige claim was onvoldoende.
Daarom was er geen aanleiding voor een voorlopige voorziening. Het verzoek werd afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een (zeer) zwaarwegend spoedeisend belang.