ECLI:NL:RBMAA:2008:BG6690
Rechtbank Maastricht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens vermeende overlast
Verzoeker maakte bezwaar tegen het besluit van de burgemeester van Heerlen om zijn woning twaalf maanden te sluiten op grond van artikel 174a van de Gemeentewet wegens vermeende verstoring van de openbare orde.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het besluit onvoldoende was onderbouwd met concrete, objectieve en verifieerbare gegevens die een ernstige overlast aantonen. Politierapportages en rapportages van het flexteam ontbraken, en de overgelegde politiemutaties boden onvoldoende bewijs. Klachten van omwonenden betroffen subjectieve gevoelens en algemene overlast, die niet automatisch een ernstige verstoring van de openbare orde rechtvaardigen.
Daarnaast bevatte het besluit geen uitdrukkelijke begunstigingstermijn zoals vereist in artikel 174a, vierde lid, van de Gemeentewet, waardoor verzoeker niet duidelijk was welke maatregelen hij moest treffen om sluiting te voorkomen.
Gelet op het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer (artikel 8 EVRM Pro) en het proportionaliteits- en subsidiariteitsbeginsel, werd de voorlopige voorziening toegewezen en de sluiting geschorst tot zes weken na het besluit op bezwaar. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en de sluiting van de woning geschorst wegens onvoldoende onderbouwing en ontbreken begunstigingstermijn.