ECLI:NL:RBMAA:2008:BH1170
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.A.P. Hillen
- M. Senden
- I. Becker-Hartenhof
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor medeplegen van drugssmokkel van heroïne en MDMA over de grens
Op 2 mei 2008 heeft de verdachte in Maastricht, samen met anderen, ongeveer 534 gram heroïne en 43 gram MDMA vervoerd met bestemming Frankrijk, wat strafbaar is gesteld in de Opiumwet. De rechtbank acht dit wettig en overtuigend bewezen en spreekt verdachte vrij van overige tenlasteleggingen.
De verdediging stelde dat de bewijsvergaring onrechtmatig was omdat de politie de auto aanvankelijk controleerde op basis van de Wegenverkeerswet zonder redelijk vermoeden van drugshandel. De rechtbank oordeelde echter dat de politie pas overging tot een onderzoek op grond van de Opiumwet nadat er aanwijzingen waren die een redelijk vermoeden van schuld opleverden, waardoor het bewijs toelaatbaar is.
De rechtbank kwalificeerde het bewezenverklaarde als medeplegen van een overtreding van artikel 2 van Pro de Opiumwet. Gezien de ernst van het feit en eerdere veroordelingen van de verdachte, legde de rechtbank een gevangenisstraf van twaalf maanden op, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De tijd in voorlopige hechtenis wordt op de straf in mindering gebracht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk, voor medeplegen van drugssmokkel.