ECLI:NL:RBMAA:2009:BH0087
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.L.S. Schipper
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorwaardelijk ontbindingsverzoek wegens slapen onder werktijd door beveiligingsbeambte
Bosec B.V. verzocht de kantonrechter om de arbeidsovereenkomst met een beveiligingsbeambte voorwaardelijk te ontbinden op grond van een dringende reden, namelijk het slapen onder werktijd op 22 oktober 2008. Dit verzoek was primair gebaseerd op dezelfde dringende reden als het ontslag op staande voet dat Bosec die dag had gegeven, en subsidiair op een verandering van omstandigheden.
De werknemer ontkende de feiten en stelde dat hij niet had geslapen, maar een boterham at en een dvd bekeek. Getuigen van DSV verklaarden echter dat zij de werknemer slapend hadden gezien. De kantonrechter achtte het aannemelijk dat de werknemer op die dag onder werktijd had geslapen, maar stelde vast dat er geen eerdere schriftelijke waarschuwingen waren over dit gedrag of andere verwijtbare gedragingen.
De kantonrechter overwoog dat het enkele feit van slapen onder werktijd, gezien de omstandigheden dat er geen goederen in de loods waren en de werknemer slechts beperkte taken had, niet voldoende was om de arbeidsovereenkomst voorwaardelijk te ontbinden. De eerdere waarschuwingen die Bosec claimde waren onvoldoende onderbouwd en niet schriftelijk vastgelegd. Daarom werd het verzoek afgewezen en werd Bosec veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het voorwaardelijk ontbindingsverzoek wegens slapen onder werktijd wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs en het ontbreken van eerdere waarschuwingen.