ECLI:NL:RBMAA:2009:BH2011
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.H.M.J. baron van Hövell tot Westerflier
- W.J.M.J. Vogels
- J.L.H.M. Nijsten
- Rechtspraak.nl
Ontslag medepachter en verbod verhuur vakantieappartement op gepacht agrarisch erf
In deze zaak vordert een 72-jarige medepachter ontslag uit de pachtovereenkomst omdat hij niet meer persoonlijk betrokken is bij de exploitatie van het landbouwbedrijf. De rechtbank wijst deze vordering toe, omdat vaststaat dat de medepachter sinds 2001 het bedrijf feitelijk heeft overgedragen aan zijn zoon en slechts incidenteel adviseert. Er bestaat geen gegronde vrees dat de achterblijvende medepachter de pachtovereenkomst niet naar behoren zal nakomen.
Daarnaast is er een geschil over het gebruik van een voormalige paardenstal die tot woonruimte is verbouwd en sinds 2005 als vakantieappartement wordt verhuurd. De verhuur vindt plaats zonder schriftelijke toestemming van de verpachter, wat volgens de pachtwet en de pachtovereenkomst vereist is. De rechtbank oordeelt dat het gebruik als vakantieappartement een wijziging van de bestemming inhoudt die niet eenzijdig door de pachter kan worden doorgevoerd.
Daarom wijst de rechtbank de vordering af om te verklaren dat geen toestemming nodig is voor het gebruik als vakantieappartement en wijst zij de vordering van de verpachter toe om de verhuur te staken, onder oplegging van een gematigde dwangsom. De proceskosten worden deels gecompenseerd en deels aan de pachter opgelegd.
Uitkomst: De medepachter wordt ontslagen uit de pacht en de verhuur van het vakantieappartement wordt verboden zonder toestemming van de verpachter.