ECLI:NL:RBMAA:2009:BJ5284
Rechtbank Maastricht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering vervroegde ingebruikneming onteigende grond voor aanleg Binnenring Heerlen
De gemeente Heerlen vorderde in kort geding dat de eigenaren van bepaalde percelen de grond vervroegd in gebruik zouden geven voor de aanleg van de Binnenring-Noord, ondanks dat tegen het onteigeningsvonnis cassatie was ingesteld en het vonnis geschorst was. De gemeente stelde dat de voltooiing van de weg spoedeisend was vanwege verkeersveiligheid, doorstroming en financiële belangen.
De eigenaren voerden verweer dat de vordering een ernstige inbreuk maakte op hun eigendoms- en huurrecht en dat de Onteigeningswet een dergelijke vervroegde ingebruikneming niet toestaat zolang het vonnis niet onherroepelijk is. Ook ontbrak volgens hen een spoedeisend belang. De voorzieningenrechter oordeelde dat de vordering prematuur was, mede omdat de verplichte opname van de percelen door deskundigen nog niet had plaatsgevonden, wat noodzakelijk is voor een juiste schadeloosstelling.
De rechtbank wees de vordering af en veroordeelde de gemeente Heerlen in de proceskosten. De uitspraak bevestigt het belang van de wettelijke procedure en bescherming van eigendomsrechten tijdens onteigeningsprocedures, ook bij spoedeisende infrastructuurprojecten.
Uitkomst: De vordering van de gemeente Heerlen tot vervroegde ingebruikneming van de onteigende percelen wordt afgewezen wegens prematuriteit en gebrek aan spoedeisend belang.