ECLI:NL:RBMAA:2009:BJ7578
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.J. Hazen
- E.W.A. van den Berg
- R.A.M.M. Gijselaers
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens opzetheling en bedreiging met mes in Limburg
De rechtbank Maastricht heeft op 8 juli 2009 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van meerdere strafbare feiten gepleegd in Limburg. Primair werd hem opzetheling van gestolen goederen ten laste gelegd, subsidiair bedreiging met een mes tegen een slachtoffer. Daarnaast was er een tenlastelegging van poging woninginbraak met geweld, waarvan verdachte werd vrijgesproken.
Tijdens de zitting op 24 juni 2009 hebben zowel de officier van justitie als de verdediging vrijspraak gevraagd voor de poging woninginbraak, en bewezenverklaring van opzetheling en bedreiging. De rechtbank volgde dit standpunt en achtte de opzetheling en bedreiging wettig en overtuigend bewezen op basis van de bekentenis van verdachte, aangiften van diefstal en bedreiging, en overige bewijsstukken.
De rechtbank oordeelde dat voor de bewezenverklaarde feiten geen andere straf dan een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend was, gezien de ernst van de feiten en de omstandigheden. Gezien de persoonlijke situatie van verdachte werd een gevangenisstraf van 88 dagen opgelegd, waarbij de tijd in voorarrest in mindering werd gebracht. Verdachte werd vrijgesproken van de poging woninginbraak met geweld. De beslissing berustte op de artikelen 57, 285 en 416 van het Wetboek van Strafrecht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 88 dagen gevangenisstraf voor opzetheling en bedreiging, vrijgesproken van poging woninginbraak.