ECLI:NL:RBMAA:2009:BJ7809
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling lichtvaardige kredietverstrekking op grond van artikel 28 Wck
In deze civiele procedure staat centraal de vraag of Hoist Kredit AB op lichtvaardige wijze krediet heeft verstrekt aan de schuldenaar, conform artikel 28 van Pro de Wet op het Consumentenkrediet (Wck). De kredietovereenkomst werd gesloten op 9 mei 2002 en later aan Hoist gecedeerd. De schuldenaar betwist dat Hoist haar verplichtingen correct is nagekomen en stelt dat er geen adequaat onderzoek is verricht naar haar kredietmogelijkheden en toekomstperspectief, waardoor sprake zou zijn van lichtvaardige kredietverstrekking.
De kantonrechter merkt op dat artikel 59 van Pro het Besluit financiële dienstverlening niet van toepassing is omdat dit besluit pas in 2006 in werking trad, terwijl de overeenkomst uit 2002 dateert. De rechter geeft Hoist de mogelijkheid om bewijs te leveren dat zij heeft voldaan aan haar verplichtingen onder artikel 28 Wck Pro, waaronder het recht om getuigen te laten horen.
De zaak wordt verwezen naar een rolzitting voor het indienen van bewijsstukken en het opgeven van getuigen. De beslissing in de vrijwaring wordt aangehouden totdat in de hoofdzaak is beslist. De uitspraak is gedaan door kantonrechter P. Hoekstra en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Hoist krijgt de gelegenheid bewijs te leveren dat zij niet lichtvaardig krediet heeft verstrekt; verdere beslissing wordt aangehouden.