ECLI:NL:RBMAA:2009:BJ8129

Rechtbank Maastricht

Datum uitspraak
2 september 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
343576 EJ VERZ 09-2420
Instantie
Rechtbank Maastricht
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 5:130 BWArt. 2:8 BWArt. 2:15 BWArt. 19 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging besluit VVE over verdeling advocaatkosten wegens strijd met redelijkheid en billijkheid

De Rechtbank Maastricht behandelde een verzoek ex artikel 5:130 BW Pro van een lid van de Vereniging van Eigenaren (VVE) tegen besluiten van de algemene ledenvergadering van de VVE van 17 juni 2009. Deze besluiten betroffen het omleggen van aanzienlijke advocaatkosten, gemaakt door twee bestuursleden zonder voorafgaande ruggespraak met de VVE of haar rechtsbijstandverzekeraar, over alle leden van de VVE.

Verzoekster stelde dat deze kostenverdeling in strijd was met de redelijkheid en billijkheid zoals vereist in artikel 2:8 BW Pro en dat het besluit daarom vernietigd moest worden. De kantonrechter oordeelde dat het besluit inderdaad onaanvaardbaar was, mede gelet op een eerdere beschikking van februari 2009 waarin een soortgelijk besluit reeds was vernietigd.

De rechtbank stelde vast dat de bestuursleden zonder overleg een advocaat hadden ingeschakeld en aanzienlijke kosten hadden gemaakt, terwijl het belang van de VVE juist is om de kosten zo laag mogelijk te houden. De VVE werd veroordeeld in de proceskosten en het bestreden besluit werd geschorst en vernietigd.

Uitkomst: Het besluit van de VVE om advocaatkosten over alle leden te verdelen wordt vernietigd wegens strijd met redelijkheid en billijkheid.

Uitspraak

RECHTBANK MAASTRICHT
Sector Kanton
Locatie Heerlen
Zaak/rep.nr. : 343576 EJ VERZ 09-2420
Beschikking van de kantonrechter op verzoek ex artikel 5:130 BW Pro d.d. 2 september 2009.
1. Het verloop van de procedure
1.1. Op 06 augustus 2009 is het verzoekschrift ter griffie binnengekomen van:
[verzoekster],
wonende te [woonplaats] aan het [adres],
verzoekster,
gemachtigde: mr. H.H.G. Theunissen.
1.2. Ter mondelinge behandeling op 26 augustus 2009 is een door [belanghebbende], [belanghebbende] en [belanghebbende] ondertekend verweerschrift met bijlagen overgelegd en zijn de navolgende personen verschenen:
-dhr. [belanghebbende], voor verzoekster, bijgestaan door mr. Theunissen;
-mevr. [belanghebbende], voorzitter van de Vereniging van Eigenaren, VVE [verweerster], nader te noemen: VVE, als lid van de VVE;
dhr. [belanghebbende];
dhr. [belanghebbende];
dhr. [belanghebbende].
1.3. Bij schrijven van 27 augustus 2009 heeft [belanghebbende], nog een productie overgelegd.
2. Het verzoek
2.1. Verzoekster verzoekt schorsing van de besluiten van de algemene ledenvergadering van VVE van 17 juni 2009 totdat op dit verzoek onherroepelijk is beslist en deze besluiten nietig te verklaren dan wel te vernietigen, kosten rechtens.
2.2. Verzoekster legt aan haar verzoek ten grondslag dat de besluiten om de kosten ad
€ 8.235,05 terzake verleende rechtsbijstand van mr. R.J.P. Schobben aan [belanghebbende] en [belanghebbende] ten laste te laten komen van de VVE en terugbetaling van de reeds betaalde proceskosten aan [belanghebbende] en [belanghebbende] voornoemd in strijd zijn met de redelijkheid en billijkheid als geëist in artikel 2:8 lid 1 BW Pro en der-halve dienen te worden vernietigd.
2.3. Verzoekster voert daartoe aan dat het besluit van de algemene ledenvergadering aangaande de betaling van de kosten van rechtsbijstand van mr. Schobben inmiddels voor de tweede keer leidt tot voordracht tot vernieti-ging door verzoekster. Immers de algemene ledenvergadering heeft op 11 september 2008 een besluit genomen dat feitelijk ten doel had de kosten te verdelen over alle leden, waaronder verzoekster, welk besluit verzoekster, aangezien zij zich daarmee niet heeft kunnen verenigen, op grond van het bepaalde in artikel 5:130 BW Pro voor vernietiging heeft voorgedragen en bij beschikking van de kantonrechter van 20 februari 2009 is vernietigd als zijnde in strijd met de redelijkheid en billijkheid.
2.4. Naar het oordeel van verzoekster heeft de algemene ledenvergadering bij de afweging van alle bij het be-sluit betrokken belangen in redelijkheid en billijkheid niet tot de bestreden besluiten kunnen komen. Het belang is er kennelijk alleen in gelegen de kosten van de rechtsbijstand van mr. Schobben niet persoonlijk voor [belanghebbende] en [belanghebbende] te laten komen hetgeen geen belang van de vereniging van eigenaars is -hun belang bestaat uit het hebben van zo’n laag mogelijke kosten- maar een persoonlijk belang van [belanghebbende] en [belanghebbende]. Door deze kosten ten laste van de vereniging van eigenaars te brengen komen deze ten laste van de exploitatie hetgeen weer leidt tot een hogere eigenaarsbijdrage voor verzoekster en de overige leden. Nu het voorts kosten zijn die door [belanghebbende] en [belanghebbende] op persoonlijke titel zijn gemaakt en nu verzoekster door het betalen van de kostenveroordeling ad € 400,00 al een bijdrage heeft geleverd in de door [belanghebbende] en [belanghebbende] gemaakte kosten voor rechtsbijstand, dient het belang van verzoekster te prevaleren.
2.5. [belanghebbende], [belanghebbende], [belanghebbende] en [belanghebbende] hebben verweer gevoerd en onder meer gesteld dat zij de rekening van mr. Schobben hoog vinden en dat [belanghebbende] en [belanghebbende] die kosten handelend voor de VVE en niet handelend in privé hebben gemaakt. [belanghebbende] heeft nog aangevoerd dat hij eerst op het moment waarop [belanghebbende] en [belanghebbende] hiervoor een bedrag op de rekening van de VVE hebben gestort geconfronteerd is geworden met de kosten van rechtsbijstand.
3. De beoordeling
3.1. Naar aanleiding van het ter zitting overgelegde verweerschrift met bijlagen is een leespauze ingelast. Mr. Theunissen heeft vervolgens geen verzoek gedaan om hierop nog schriftelijk te kunnen reageren, zodat de kan-tonrechter er van uit gaat dat zijn mondelinge reactie ter zitting voldoende is geweest in het licht van artikel 19 Rv Pro.
Na de zitting, bij brief van 27 augustus 2009, is zijdens de VVE nog een productie overgelegd die abusievelijk niet was gehecht aan het voornoemde verweerschrift. Deze productie is te laat overgelegd, zodat de kantonrech-ter hieraan voorbij gaat.
3.2. Gelet op de onweersproken stelling van verzoekster dat zij de besluiten op 14 juli 2009 heeft ontvangen, merkt de kantonrechter, daarbij gelet op het bepaalde in artikel 5:130 lid 2 BW Pro, op dat verzoekster in haar ver-zoek kan worden ontvangen nu zij dit tijdig heeft ingediend.
3.3. Vast staat dat de onderhavige besluiten van 17 juni 2009 met de vereiste meerderheid van stemmen zijn genomen. Verzoekster doet een beroep op artikel 2:15 lid 1 onder Pro b BW, de vernietigbaarheid van een besluit wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid die door artikel 2:8 BW Pro worden geëist. Ingevolge artikel 2:8 lid 2 BW Pro is -onder meer- een besluit van de VVE niet van toepassing voor zover dit in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn.
3.4. De kantonrechter is van oordeel dat het verzoek dient te worden toegewezen en overweegt daartoe het vol-gende.
3.4.1. Reeds in de beschikking van 20 februari 2009 (zaaknummer 310069 EJ VERZ 08-4188) is geoordeeld dat het besluit van 11 september 2008, waarbij -kort gezegd- eveneens is besloten de kosten van de aan de (voorma-lige) bestuursleden [belanghebbende] en [belanghebbende] verleende rechtsbijstand te verdelen over alle leden van de VVE, zij het “slechts” met een gewone meerderheid van stemmen, dient te worden vernietigd omdat niet de gehele VVE in rechte was opgetreden en de kosten van de raadsman ook niet zagen op een procedure van de VVE tegen ver-zoekster. Naast het formele gebrek achtte de kantonrechter dit, mede gelet op de omstandigheid dat verzoekster al door de kantonrechter was veroordeeld in de proceskosten, in strijd met de redelijkheid en billijkheid.
3.4.2. Ter comparitie hebben de aldaar verschenen leden van de VVE geen nader inhoudelijk verweer ter zake gevoerd behoudens wellicht de wens duidend die ten grondslag heeft gelegen aan de bestreden besluiten, te weten “schoon schip te maken”.
3.4.3. Niet gebleken is verder dat de leden [belanghebbende] en [belanghebbende] vooraf overleg gevoerd hebben met de (leden van de ) VVE of met de rechtsbijstandverzekeraar van de VVE over een eventueel in te schakelen raadsman. Ook over de hoogte van deze kosten of een “kostenplafond” is niet gesproken. De rechtsbijstandverzekeraar van de VVE is bereid gebleken een deel van de kosten, een bedrag van € 3.000,00, te vergoeden ondanks het feit dat aan de verzekeraar expliciet kenbaar is gemaakt dat niet de VVE maar twee (voormalig) bestuursleden van de VVE de procedure hebben gevoerd. Kennelijk is de rechtsbijstandverzekeraar de mening toegedaan dat de kos-ten van rechtsbijstand van [belanghebbende] en [belanghebbende] in de oorspronkelijke procedure gebracht kunnen worden onder de dekking van de verzekering. Door zelf, zonder ruggespraak, een advocaat in te schakelen hebben [belanghebbende] en [belanghebbende] aanzienlijke kosten gemaakt.
3.5. Gelet op al het vorenstaande ligt het verzoek voor toewijzing gereed en zal de VVE in de proceskosten worden veroordeeld.
4. Uitspraak
De kantonrechter:
schorst de onderwerpelijke besluiten tot dat op de verzoeken onherroepelijk is beslist.
Vernietigt de onderwerpelijke besluiten.
Veroordeelt de VVE in de proceskosten gevallen aan de zijde van verzoekster welke worden begroot op € 610,00, waarin begrepen € 110,00 vast recht en € 500,00 salaris gemachtigde.
Aldus gegeven en in het openbaar uitgesproken door mr. A.J. Henzen, kantonrechter, in tegenwoordigheid van de Y.A.M. Tilmans, griffier.