ECLI:NL:RBMAA:2010:BL4331
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.J. Groen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens ontbreken partijstatus echtgenote bij bemiddelingsovereenkomst verkoop woning
Eiseres vordert betaling van courtage en incassokosten van gedaagde, stellende dat zij een bemiddelingsovereenkomst had gesloten met gedaagdes echtgenoot voor de verkoop van hun echtelijke woning. Gedaagde betwist partij te zijn bij de overeenkomst en beroept zich op nietigheid ex artikel 1:89 BW Pro omdat zij niet heeft ingestemd met de verkoopopdracht.
De kantonrechter stelt vast dat de overeenkomst enkel door de echtgenoot is ondertekend en dat de aanduiding "de heer en mevrouw" onvoldoende is om gedaagde als partij te kwalificeren. Er is geen individuele vermelding of ondertekening door gedaagde. Het gedogen van het bord "te koop" en bezichtigingen is onvoldoende om stilzwijgende instemming aan te nemen.
De rechtbank oordeelt dat de bemiddelingsovereenkomst niet is aangegaan ten behoeve van de gewone huishouding en dat artikel 1:85 BW Pro niet van toepassing is. De vraag naar toepasselijkheid van artikel 1:88 BW Pro wordt niet inhoudelijk beantwoord, maar de verkoopopdracht kan onder artikel 1:89 BW Pro vallen.
De vorderingen worden daarom afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak benadrukt het belang van duidelijke partijstelling en instemming bij overeenkomsten die tot vervreemding van de echtelijke woning kunnen leiden.
Uitkomst: De vordering tot betaling van courtage en incassokosten wordt afgewezen omdat de echtgenote geen partij is bij de bemiddelingsovereenkomst.