ECLI:NL:RBMAA:2010:BM2987
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bewijsuitsluiting bij minderjarige verdachte wegens onvoldoende naleving consultatierecht
In deze strafzaak tegen een 14,5-jarige minderjarige verdachte is onderzocht of hij ondubbelzinnig afstand heeft gedaan van zijn consultatierecht en het aanwezigheidsrecht van een advocaat tijdens politieverhoren. De verdediging stelde dat deze rechten waren geschonden, waardoor verklaringen van de verdachte uitgesloten moesten worden. De kinderrechter volgt een casuïstische benadering, waarbij leeftijd, intelligentie, levenservaring en eerdere contacten met justitie worden meegewogen.
De verdachte had een lage intelligentie, ADHD en een geschiedenis van drugsgebruik en eerdere politiecontacten. De politie had hem gevraagd of hij gebruik wilde maken van zijn recht op een advocaat of ouders, waarop hij ontkennend antwoordde. De kinderrechter concludeert dat dit geen ondubbelzinnige afstand was en dat de politie niet voldoende heeft gedaan om te waarborgen dat de verdachte zich bewust was van zijn rechten en de consequenties van afstand.
Als gevolg hiervan worden verklaringen van de verdachte met betrekking tot de diefstal van een computer en poging tot diefstal uitgesloten. De verklaring van een medeverdachte wordt wel betrouwbaar geacht. De verdachte wordt vrijgesproken van het onderdeel dat hij samen met een ander de computer heeft gestolen, maar wel veroordeeld voor de diefstal van een fiets. De opgelegde straf is een werkstraf van 50 uur, waarvan de helft voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar en aftrek van voorarrest.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot een deels voorwaardelijke werkstraf van 50 uur en vrijgesproken van poging tot diefstal wegens bewijsuitsluiting.