ECLI:NL:RBMAA:2010:BM8002
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betalingsovereenkomst minderjarige met toestemming wettelijke vertegenwoordiger
In deze zaak stond centraal of de minderjarige [gedaagde] al dan niet zelf aansprakelijk was voor een overeenkomst die hij in 2006 had gesloten met Stichting Arcus College, waarbij zijn wettelijke vertegenwoordiger ook had getekend. De rechtbank stelde vast dat de minderjarige met toestemming van zijn wettelijke vertegenwoordiger handelingsbekwaam was op grond van artikel 1:234 lid 1 en Pro 2 BW.
De rechtbank overwoog dat gedurende de minderjarigheid de wettelijke vertegenwoordiger namens de minderjarige materiële procespartij was, maar sinds de meerderjarigheid van [gedaagde] op 19 maart 2007 hijzelf formele procespartij is en dus in rechte betrokken moet worden. De vordering van Arcus College tot betaling van de facturen werd toegewezen, inclusief wettelijke rente en proceskosten.
De rechtbank wees de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten af wegens onvoldoende specificatie en matigde de verschotten tot het gebruikelijke tarief. De uitspraak werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de meerderjarige [gedaagde] tot betaling van de openstaande factuur met rente en proceskosten.