ECLI:NL:RBMAA:2010:BN2865
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.F.J. Aalderink
- A.W. Oosterman
- R.P.J. Quaedackers
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor uitkeringsfraude door opzettelijk verzwijgen samenwoning over ruim zes jaar
De rechtbank Maastricht heeft verdachte veroordeeld voor uitkeringsfraude over de periode van 1 september 2001 tot en met 10 maart 2008. Verdachte ontving in deze periode een Abw/WWB-uitkering en heeft op formulieren steeds aangegeven niet samen te wonen, terwijl zij in werkelijkheid samenwoonde met [H.M.]. Diverse getuigenverklaringen bevestigen dat [H.M.] permanent bij verdachte verbleef en een gezamenlijke huishouding voerde.
De rechtbank oordeelde dat verdachte opzettelijk heeft nagelaten deze woonsituatie te melden, ondanks dat zij wist dat dit relevant was voor de beoordeling van haar recht op uitkering. De verklaring van [H.M.] en getuigen ondersteunden dit oordeel. Verdachte werd vrijgesproken van andere ten laste gelegde feiten.
De rechtbank achtte de fraude ernstig vanwege de duur en de omvang van de ten onrechte ontvangen uitkering van ruim 98.000 euro. Gelet op de ernst, de persoonlijke omstandigheden van verdachte en de overschrijding van de redelijke termijn, legde de rechtbank een gevangenisstraf van acht maanden op, waarvan vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot acht maanden gevangenisstraf, waarvan vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar wegens opzettelijk verzwijgen van samenwoning.