ECLI:NL:RBMAA:2010:BN4870
Rechtbank Maastricht
- Voorlopige voorziening
- P.J.M. Bruijnzeels
- Rechtspraak.nl
Schorsing intrekking recht op bijstand wegens onduidelijkheid over bankrekeningen
Verzoekster ontvangt sinds 16 oktober 1990 een bijstandsuitkering en werd geconfronteerd met een besluit tot intrekking van deze uitkering per 1 juni 2010 vanwege het niet melden van drie bankrekeningen en het niet overleggen van bankafschriften. Hoewel verzoekster niet volledig aan de inlichtingenplicht had voldaan, heeft zij binnen hersteltermijnen bankafschriften overgelegd die het mogelijk maken het recht op bijstand te beoordelen.
De voorzieningenrechter overweegt dat volgens vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep schending van de inlichtingenplicht een grond kan zijn voor intrekking van bijstand, tenzij het recht op bijstand ondanks deze schending kan worden vastgesteld. In dat geval dient het bijstandsverlenend orgaan het recht te erkennen en is intrekking onrechtmatig.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek tot voorlopige voorziening toe door de intrekking van het recht op bijstand te schorsen tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Tevens wordt de gemeente Heerlen veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoekster.
Uitkomst: De intrekking van het recht op bijstand per 1 juni 2010 wordt geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar.