ECLI:NL:RBMAA:2010:BO6490
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Volledige ontoerekeningsvatbaarheid verdachte bij moord en plaatsing in psychiatrisch ziekenhuis
De rechtbank Maastricht heeft op 7 december 2010 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte die zijn echtgenote met 13 messteken heeft gedood. Uit het onderzoek van het Pieter Baan Centrum en de verklaring van psychiater M.D. van Ekeren blijkt dat verdachte leed aan een ernstige depressie met psychotische kenmerken, waaronder hallucinaties en wanen, waardoor hij volledig ontoerekeningsvatbaar is.
De rechtbank acht het bewezen dat verdachte met voorbedachten rade handelde, maar concludeert dat hij niet strafbaar is vanwege zijn psychische toestand. De moord heeft een grote impact gehad op de familie, maar verdachte handelde vanuit een volstrekt irreëel realiteitsbesef. Gezien de ernst van de depressie en het gevaar dat verdachte voor zichzelf vormt, wordt een maatregel opgelegd.
De rechtbank wijst af tot terbeschikkingstelling omdat verdachte vooral een gevaar voor zichzelf is en geen persoonlijkheidsstoornis heeft. In plaats daarvan wordt een plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van één jaar gelast, met het oog op behandeling en herstel. De maatregel kan worden gevolgd door begeleiding in het kader van de Wet BOPZ of GGZ.
Uitkomst: Verdachte wordt ontslagen van alle rechtsvervolging wegens volledige ontoerekeningsvatbaarheid en geplaatst in een psychiatrisch ziekenhuis voor één jaar.