ECLI:NL:RBMAA:2011:BP9298
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek ontbinding arbeidsovereenkomst wegens onvoldoende verandering omstandigheden
De zaak betreft een verzoek van de werkgever tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een werknemer op grond van artikel 7:685 BW Pro wegens vermeende verandering in omstandigheden. De werkgever voert aan dat de onderneming financieel zwaar in de problemen verkeert sinds 2008 en dat dit reden is om de arbeidsovereenkomst te beëindigen.
De rechtbank stelt vast dat de onderneming inderdaad al sinds 2008 verliesgevend is en dat de financiële situatie ernstig is. Echter, het is niet gesteld of gebleken dat de financiële problemen sinds het aangaan van de arbeidsovereenkomst op 11 oktober 2010 significant zijn verslechterd. De werkgever had zelfs de intentie om de werknemer vanaf 1 april 2011 weer volledig in te zetten.
De werknemer heeft gemotiveerd verweer gevoerd tegen het verzoek en heeft subsidiair om een vergoeding verzocht indien ontbinding zou worden toegewezen. De rechtbank oordeelt dat er geen sprake is van een zodanige verandering in omstandigheden die ontbinding rechtvaardigt en wijst het verzoek af.
De werkgever wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan de zijde van de werknemer. De beslissing is genomen door kantonrechter I.M. Etman en in het openbaar uitgesproken op 24 maart 2011.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende verandering in omstandigheden.