ECLI:NL:RBMAA:2011:BQ4835
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.M.J. van den Acker
- J.H. Klifman
- E.H.A.F.M. Krol
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte openlijke geweldpleging in Maastrichtse uitgaansstraat
Op 21 augustus 2010 vonden in de Maastrichtse uitgaansstraten [P-straat] en [A-straat] gewelddadigheden plaats, waaronder mishandeling en vernieling van café-eigendommen. Verdachte werd herkend op camerabeelden door een informant van de Criminele Inlichtingen Eenheid, maar ontkende betrokkenheid en stelde zich onherkenbaar op.
De officier van justitie achtte de feiten wettig en overtuigend bewezen op basis van camerabeelden, getuigenverklaringen en aangiften. De verdediging voerde aan dat de herkenning niet eenduidig was, dat verdachte altijd een bril en oorbellen draagt die op de beelden niet zichtbaar waren, en dat de signalementen van getuigen niet overeenkwamen met verdachte.
De rechtbank concludeerde dat de beschrijvingen van de daders en de zichtbare kenmerken op de beelden onvoldoende overeenkwamen met verdachte. De tatoeages op de camerabeelden konden niet met zekerheid worden vastgesteld als die van verdachte, en het ontbreken van een bril en oorbellen op de beelden was doorslaggevend. Ook de verklaringen van getuigen en vader van verdachte boden geen overtuigend bewijs.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten, waaronder openlijke geweldpleging, vernieling en mishandeling. Het vonnis werd uitgesproken op 13 mei 2011 door de meervoudige kamer van de rechtbank Maastricht.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van openlijke geweldpleging en mishandeling.