ECLI:NL:RBMAA:2011:BR4397
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M.A.F. Coenegracht
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst na onterecht ontslag op staande voet wegens vermeend bedrog en onacceptabel gedrag
Werknemer werd door DHL op staande voet ontslagen wegens beschuldigingen van bedrog bij declaraties, het niet naleven van werktijden en onheus gedrag tegenover een collega. De kantonrechter stelt vast dat de feiten die de werkgever aanvoert deze zware beschuldigingen niet ondersteunen. Zo was er geen sprake van misleiding bij declaraties en was het niet naleven van werktijden onvoldoende ernstig en niet adequaat onderzocht.
Daarnaast was het incident met een vrouwelijke collega onvoldoende onderzocht en kon dit geen rechtvaardiging vormen voor ontslag op staande voet. Ook oudere incidenten betroffen vooral communicatieproblemen die niet zwaarwegend waren. Ernstige verwijten zoals het niet vertrouwelijk omgaan met informatie en illegale commerciële activiteiten konden niet worden bewezen.
Hoewel het verzoek tot ontbinding formeel afgewezen had moeten worden, achtte de kantonrechter het redelijk om de arbeidsovereenkomst te ontbinden vanwege twijfel bij werknemer over voortzetting en de onwil van werkgever om hervatting te bespreken. De kantonrechter kende een bruto vergoeding van €45.000 toe aan werknemer en veroordeelde werkgever in de proceskosten.
De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldig en deugdelijk onderzoek met hoor en wederhoor alvorens tot ontslag op staande voet wordt overgegaan. De werkgever droeg de financiële consequenties van haar onzorgvuldige handelen.
Uitkomst: Arbeidsovereenkomst ontbonden per 1 augustus 2011 met een bruto vergoeding van €45.000 aan werknemer wegens onvoldoende grondslag voor ontslag op staande voet.