ECLI:NL:RBMAA:2011:BT7124
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.W. Oosterman
- A.J. Hazen
- M.E. Kramer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tenuitvoerlegging voorwaardelijke straf wegens niet-lopende proeftijd tijdens detentie
De veroordeelde was geplaatst in een forensisch psychiatrische afdeling verslaafden (FPAV) op grond van artikel 43 van Pro de Penitentiaire Beginselenwet. Tijdens een verlof keerde hij niet tijdig terug en gebruikte harddrugs. De officier van justitie vorderde tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straf wegens overtreding van de bijzondere voorwaarden.
De raadsman stelde dat de proeftijd niet liep tijdens de detentie in de FPAV, waardoor de overtreding niet tot tenuitvoerlegging kon leiden. De rechtbank nam kennis van het advies tenuitvoerlegging en het justitieel documentatieregister, waaruit bleek dat de detentie voortduurde tijdens de plaatsing in de FPAV.
De rechtbank oordeelde dat de proeftijd niet liep gedurende de detentie en dat de veroordeelde de bijzondere voorwaarden niet kon overtreden in die periode. Daarom wees de rechtbank de vordering van de officier van justitie af.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Maastricht op 5 oktober 2011.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straf af omdat de proeftijd niet liep tijdens de detentie in de FPAV.