ECLI:NL:RBMAA:2011:BU6255
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak voor stalking buiten bewezen periode, deels veroordeling voor stalking na duidelijke afwijzing
De rechtbank Maastricht behandelde een zaak waarin verdachte werd beschuldigd van stalking van een politieambtenaar. De rechtbank oordeelde dat stalking slechts bewezen was vanaf 23 maart 2010, toen het slachtoffer duidelijk maakte geen contact meer te willen. Voor de periode daarvoor was onvoldoende bewijs om stalking aan te tonen.
Verdachte had e-mails gestuurd en zich in de omgeving van het slachtoffer opgehouden, maar stelde dat het contact wederzijds was. De rechtbank achtte bewezen dat verdachte tussen 23 maart en 5 november 2010 stelselmatig en opzettelijk de persoonlijke levenssfeer van het slachtoffer had geschonden door het sturen van e-mails en het zich ophouden nabij diens woning.
Psychologisch onderzoek wees uit dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar is vanwege een borderline persoonlijkheidsstoornis en andere trekken. De rechtbank hield hiermee rekening bij de strafoplegging. Verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 10 weken, waarvan 4 weken voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, en een werkstraf van 120 uur werd geëist.
De rechtbank legde bijzondere voorwaarden op, waaronder een contact- en omgevingsverbod en reclasseringstoezicht. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot een schadevergoeding van €500 aan het slachtoffer wegens immateriële schade. De vordering van de echtgenote van het slachtoffer werd niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 10 weken gevangenisstraf waarvan 4 weken voorwaardelijk en een schadevergoeding van €500 voor stalking vanaf 23 maart 2010.