ECLI:NL:RBMAA:2012:BX8773
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst na overgang onderneming
De stichting Gehandicaptenzorg Limburg (SGL) verzocht de rechtbank Maastricht om de arbeidsovereenkomst met [verweerder], voormalig bestuurder, te ontbinden wegens gewichtige omstandigheden op grond van artikel 7:685 BW Pro. [Verweerder] was sinds 1983 in dienst van SGL en was na een reorganisatie bestuurder geworden van de verzelfstandigde stichting SGL Revalidatieartsenpraktijk (SGL RAP).
De kern van het geschil betrof de vraag of de arbeidsovereenkomst van [verweerder] van rechtswege was overgegaan op SGL RAP na de opsplitsing van SGL. De rechtbank oordeelde dat de overgang van onderneming had plaatsgevonden en dat de arbeidsovereenkomst daarom automatisch was overgegaan op SGL RAP. De stelling van SGL dat [verweerder] in dienst zou zijn gebleven van SGL werd verworpen vanwege het ontbreken van bewijs en het feit dat de feitelijke situatie anders was.
De rechtbank benadrukte dat de werknemer niet kan afzien van de bescherming bij overgang van onderneming zonder uitdrukkelijke en zwaarwegende informatievoorziening. Omdat de arbeidsovereenkomst was overgegaan, was SGL niet-ontvankelijk in haar verzoek tot ontbinding. SGL werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart SGL niet-ontvankelijk in haar verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst.