ECLI:NL:RBMID:2001:AA9802
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering shockschade na verkeersongeval met dodelijke afloop
Op 10 februari 1998 vond op de Spanjaardsweg te Philippine een ernstig verkeersongeval plaats waarbij drie fietsers, waaronder de vader van eiseres, en een landbouwvoertuig betrokken waren. Het landbouwvoertuig, bestuurd door gedaagde sub 1, was te breed voor de weg en beschikte niet over de vereiste ontheffing. Bij het passeren van het voertuig kwam een van de fietsers ten val en overleed later aan zijn verwondingen.
Eiseres, zus van de overledene, stelt shockschade te hebben geleden omdat zij haar zwaar gewonde vader in het ziekenhuis heeft gezien en door het besef van zijn overlijden. Zij vordert een schadevergoeding van 50.000 gulden van gedaagde sub 1, die reeds strafrechtelijk is veroordeeld voor het ongeval.
De rechtbank verwijst naar een eerdere uitspraak waarin is vastgesteld dat gedaagde sub 1 onrechtmatig handelde jegens de direct betrokkenen, maar benadrukt dat eiseres niet zelf bij het ongeval aanwezig was en niet direct geconfronteerd werd met het dodelijke ongeval. Volgens artikel 6:106 BW Pro is voor shockschade vereist dat men het ongeval zelf waarneemt of er direct mee geconfronteerd wordt, wat hier niet het geval is.
Daarom wijst de rechtbank de vordering van eiseres af en veroordeelt haar in de proceskosten. De vordering is onvoldoende onderbouwd en overschrijdt de grenzen van de shockschade zoals erkend in de wet.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot vergoeding van shockschade af wegens het ontbreken van directe confrontatie met het dodelijke ongeval.