ECLI:NL:RBMID:2001:AD4896
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.C.M. Reinarz
- Rechtspraak.nl
Vaststelling bijzonder geval voor eerdere toekenning Wajong-uitkering wegens borderline-stoornis
Eiseres heeft een Wajong-uitkering aangevraagd met ingang van 19 april 1999, nadat zij in oktober 1999 de diagnose borderline-persoonlijkheidsstoornis kreeg tijdens een opname in het ziekenhuis. Verweerder weigerde de uitkering met terugwerkende kracht toe te kennen, stellende dat eiseres al eerder arbeidsongeschikt was en de aanvraag dus te laat was.
De rechtbank overweegt dat eiseres door haar borderline-stoornis geen ziektebesef had en dat noch zij noch haar moeder, die haar belangen behartigt, eerder konden voorzien dat zij arbeidsongeschikt was. De gedragingen en medische situatie vóór 1999 gaven geen aanleiding tot het vermoeden van een ernstige ziekte die arbeidsongeschiktheid veroorzaakte.
Daarom is sprake van een bijzonder geval in de zin van artikel 29, tweede lid, van de Wajong, waardoor de uitkering met ingang van 19 april 1999 moet worden toegekend. Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten van eiseres.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit en bepaalt dat de Wajong-uitkering met ingang van 19 april 1999 moet worden toegekend.