Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBMID:2002:AF3452

Rechtbank Middelburg

Datum uitspraak
8 juli 2002
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
Awb 02/246
Instantie
Rechtbank Middelburg
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • T. Damsteegt
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:3 AwbArt. 8:54 AwbArt. 8:55 AwbArt. 21 Wet op de Ruimtelijke Ordening
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging voorbereidingsbesluit en niet-ontvankelijkheid bezwaarschrift inzake kap bomen voor parkeerterrein

De gemeente Hulst stelde op 21 december 2000 een voorbereidingsbesluit vast voor een perceel aan de van Hovestraat te Sint Jansteen. Dit besluit betrof onder meer het kappen van waardevolle en beeldbepalende bomen ten behoeve van de aanleg van een parkeerterrein. Eisers dienden een bezwaarschrift in tegen dit besluit. Verweerder verklaarde het bezwaar ongegrond, waarna eisers beroep instelden bij de rechtbank.

Eisers stelden primair dat verweerder hen niet-ontvankelijk had moeten verklaren in hun bezwaren. Verweerder deelde dit standpunt. De rechtbank oordeelde dat het voorbereidingsbesluit hen niet rechtstreeks in hun belang treft, omdat hun bezwaren zich richtten op het kappen van bomen en niet op het besluit zelf. Op grond van artikel 6:3 Awb Pro verklaarde de rechtbank het bezwaarschrift alsnog niet-ontvankelijk.

De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder aan eisers het betaalde griffierecht van €109,- en de proceskosten van €322,- moest vergoeden. Hiermee werd verweerder veroordeeld tot betaling aan eisers. De uitspraak werd gedaan op 8 juli 2002 door rechter T. Damsteegt in aanwezigheid van de griffier.

Uitkomst: Het voorbereidingsbesluit wordt vernietigd en het bezwaarschrift wordt alsnog niet-ontvankelijk verklaard met vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eisers.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDELBURG
ENKELVOUDIGE KAMER BESTUURSRECHT
Reg.nr.: Awb 02/246
Uitspraak, met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, inzake:
[eiser 1] en [eiser 1-2], beiden wonende te [woonplaats], eisers,
gemachtigde: mr. J.E. Dijk van Bureau voor Rechtshulp Dordrecht,
tegen
De Raad van de gemeente Hulst, verweerder.
1. Procesverloop.
Verweerder heeft in zijn vergadering van 21 december 2000 een voorbereidingsbesluit ex artikel 21 van Pro de Wet op de Ruimtelijke Ordening vastgesteld voor een perceel gelegen aan de van Hovestraat te Sint Jansteen, kadastraal bekend gemeente Hulst, Sectie […] nummer […] ged..
Tegen dit besluit hebben eisers een bezwaarschrift ingediend.
Bij besluit van 5 april 2002, verzonden 9 april 2002, heeft verweerder het bezwaar van eisers ongegrond verklaard.
Tegen dit besluit hebben eisers beroep ingesteld bij de rechtbank.
2. Overwegingen
Eisers stellen zich in beroep primair op het standpunt dat verweerder hen in hun bezwaren niet-ontvankelijk had moeten verklaren.
Verweerder heeft bij verweerschrift van 10 juni 2002 aangegeven dit standpunt te delen.
De rechtbank overweegt als volgt.
Volgens artikel 6:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht is een beslissing inzake de procedure ter voorbereiding van een besluit niet vatbaar voor bezwaar en beroep, tenzij deze beslissing de belanghebbende los van het voor te bereiden besluit rechtstreeks in zijn belang treft.
Met partijen is de rechtbank van oordeel dat het onderhavige besluit eisers niet rechtstreeks in hun belangen treft. De bezwaren van eisers richten zich niet tegen het voorgenomen besluit als zondanig maar tegen het kappen van een aantal waardevolle en beeldbepalende bomen ten behoeve van de aanleg van een parkeerterrein.
Gelet op het vorenstaande had verweerder het bezwaarschrift van eisers niet-ontvankelijk moeten verklaren.
Het bestreden besluit dient dan ook vernietigd te worden.
De rechtbank zal zelf in de zaak voorzien door het bezwaarschrift alsnog niet-ontvankelijk te verklaren, zodat verweerder niet opnieuw op het bezwaarschrift hoeft te beslissen.
3. Uitspraak
De rechtbank te Middelburg,
verklaart het beroep gegrond;
vernietigt het bestreden besluit;
verklaart het bezwaarschrift alsnog niet-ontvankelijk;
bepaalt dat verweerder aan eisers het door hen betaalde griffierecht ten bedrage van € 109,-- (honderdnegen Euro) vergoedt;
veroordeelt verweerder in de kosten van deze procedure aan de zijde van eisers begroot op € 322,-- (driehonderdentweeëntwintig Euro), te betalen door de gemeente Hulst aan eisers.
Aldus gewezen en in het openbaar uitgesproken op 8 juli 2002
door mr. T. Damsteegt, in tegenwoordigheid van A.F. van Leest, griffier.
Afschrift verzonden op:
Ingevolge artikel 8:55, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht kan een belanghebbende tegen deze uitspraak verzet doen bij de rechtbank.
Het doen van verzet geschiedt door een gemotiveerd verzetschrift in te dienen bij de rechtbank binnen een termijn van zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.