ECLI:NL:RBMID:2003:AF5345
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Damsteegt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit korting AOW na niet-ontvankelijk verklaard bezwaar
Eiser ontving een besluit van de Sociale Verzekeringsbank waarin een korting van 18% op zijn AOW-pensioen en 8% op de toeslag werd toegepast. Eiser diende een bezwaarschrift in, dat vanwege termijnoverschrijding niet-ontvankelijk werd verklaard. Verweerder behandelde dit bezwaarschrift vervolgens als een verzoek om herziening, dat werd afgewezen.
De rechtbank oordeelt dat eiser heeft berust in de niet-ontvankelijkverklaring, waardoor het besluit van 12 april 2001 rechtens onaantastbaar is geworden. Verweerder was niet bevoegd om het verzoek om herziening te behandelen zonder dat eiser dit zelf had ingediend. Daarom komen het bestreden besluit en het primaire besluit tot vernietiging in aanmerking.
De rechtbank onderzoekt of er sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden die een herziening rechtvaardigen. De door eiser aangevoerde emigratie en werkervaring in Canada en Amerika worden niet als nieuwe feiten beschouwd omdat deze al in de bezwaarprocedure aan de orde hadden kunnen komen.
Daarom is de weigering van verweerder om terug te komen op het besluit niet onredelijk. De rechtsgevolgen van de vernietigde besluiten blijven op grond van artikel 8:72, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht in stand. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de besluiten, maar laat de rechtsgevolgen intact en veroordeelt verweerder tot vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de besluiten maar laat de rechtsgevolgen in stand en veroordeelt de Sociale Verzekeringsbank tot vergoeding van het griffierecht.