ECLI:NL:RBMID:2003:AF6301
Rechtbank Middelburg
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- T. Damsteegt
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid rechtbank bij beroep tegen bindend studieadvies Hogeschool Zeeland
Verzoeker ontving van de Examencommissie van Hogeschool Zeeland een bindend studieadvies om de opleiding per 31 augustus 2002 te beëindigen wegens het niet behalen van de propedeuse. Verzoeker maakte bezwaar tegen dit besluit en tegen een cijferlijst, maar het bezwaar tegen het bindend studieadvies werd niet in behandeling genomen vanwege termijnoverschrijding. Hiertegen werd beroep ingesteld bij het College van Beroep voor de Examens en tevens een voorlopige voorziening gevraagd bij de rechtbank.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 6 februari 2003. De kernvraag was of het besluit van Hogeschool Zeeland een bestuursbesluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank overwoog dat Hogeschool Zeeland een bijzondere hogeschool is die wordt beheerd door een privaatrechtelijke rechtspersoon. Jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak stelt dat besluiten van organen van dergelijke instellingen geen bestuursbesluiten zijn.
Daarom is de verhouding tussen student en hogeschool primair privaatrechtelijk en is de Awb niet van toepassing. De rechtbank is derhalve niet bevoegd om het beroep tegen het bindend studieadvies te behandelen en verklaart zich onbevoegd. Hierdoor kan ook het verzoek om voorlopige voorziening niet worden ingewilligd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd om het beroep tegen het bindend studieadvies te behandelen.