ECLI:NL:RBMID:2003:AH9216
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving en oplegging dwangsom voor niet-verwijderen strandpaviljoen
Bij besluit van 2 november 2000 heeft het college van burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland eiser aangezegd het strandpaviljoen te verwijderen uiterlijk 9 november 2000, onder dreiging van een dwangsom. Eiser maakte bezwaar en verzocht om schorsing, welke werd verleend tot 23 november 2000. Het bezwaar werd op 17 september 2002 ongegrond verklaard, waarna eiser beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat eiser op 1 november 2000 in strijd met de APV handelde door het paviljoen niet te verwijderen. De overtreding had een beperkte duur, namelijk van 1 november 2000 tot 15 maart 2001, wanneer een nieuwe vergunning zou ingaan. Er was geen concreet uitzicht op legalisering binnen deze periode, aangezien wijziging van het bestemmingsplan en het beleid nog niet waren gerealiseerd.
Verder was eiser reeds bekend met de termijn en had hij zijn zienswijze kenbaar gemaakt voorafgaand aan het besluit. De rechtbank acht het handhavend optreden van verweerder terecht en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de dwangsombeschikking voor het niet verwijderen van het strandpaviljoen is ongegrond verklaard.