ECLI:NL:RBMID:2004:AO2756
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige uitlatingen op internet over eer en goede naam van eiser
In deze civiele procedure vordert eiser, een vrijmetselaar en vennoot van een adviesbureau, dat gedaagde wordt veroordeeld wegens onrechtmatige uitlatingen op een internetcommunity gericht op Zeeuwse LPF-leden. Gedaagde had onder een pseudoniem een tekst geplaatst waarin eiser werd beschuldigd van een dubieuze reputatie en een psychiatrische behandeling, wat eiser onjuist en schadelijk achtte.
De rechtbank oordeelt dat de uitlatingen onrechtmatig zijn omdat zij geen maatschappelijk belang dienden, feitelijk onjuist waren en de eer en goede naam van eiser en diens adviesbureau aantasten. De vrijheid van meningsuiting wordt erkend, maar in dit geval beperkt vanwege de ongefundeerde en schadelijke aard van de uitlatingen.
De vordering tot een verbod op toekomstige uitlatingen wordt afgewezen vanwege de te ruime formulering en het belang van vrijheid van meningsuiting binnen de vrijmetselaarskring. De vordering tot schadevergoeding wegens materiële schade wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs. Wel wordt gedaagde veroordeeld tot betaling van €500 aan immateriële schadevergoeding plus wettelijke rente en proceskosten.
De uitspraak benadrukt de noodzaak van een zorgvuldige belangenafweging tussen vrijheid van meningsuiting en bescherming van eer en goede naam, waarbij in dit geval de bescherming prevaleert.
Uitkomst: Gedaagde is veroordeeld tot betaling van €500 immateriële schadevergoeding wegens onrechtmatige uitlatingen op internet.