ECLI:NL:RBMID:2005:AU0902
Rechtbank Middelburg
- Voorlopige voorziening
- G.J.A. van Unnik
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen sluiting coffeeshop wegens verkoop aan minderjarige
Verzoeker, exploitant van een coffeeshop in Middelburg, werd door de burgemeester opgedragen zijn zaak drie maanden te sluiten wegens een tweede overtreding binnen vijf jaar van de verkoop van softdrugs aan minderjarigen. Dit besluit is gebaseerd op het Damoclesbeleid, dat sluiting voorschrijft na een tweede overtreding ex artikel 13b Opiumwet.
Verzoeker erkent de overtreding maar voert aan dat de minderjarige een vals legitimatiebewijs gebruikte en dat zijn coffeeshop een goede reputatie heeft en samenwerkt met de politie. Hij betoogt dat sluiting van zijn coffeeshop leidt tot overlast omdat dan nog slechts één coffeeshop in Middelburg overblijft.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het Damoclesbeleid zorgvuldig is vastgesteld en dat het bestuursorgaan niet onredelijk heeft gehandeld door niet af te wijken van dit beleid. Het risico van een vals legitimatiebewijs ligt voor rekening van verzoeker, die maatregelen moet nemen om aan de AHOJG-criteria te voldoen. De goede reputatie en samenwerking met de politie vormen geen bijzondere omstandigheden die afwijking rechtvaardigen.
Ook het argument dat sluiting tot overlast leidt, weegt niet zwaarder dan het algemeen belang bij handhaving van openbare orde en veiligheid. De rechter toetst terughoudend aan het besluit van de burgemeester en concludeert dat de opgelegde sluiting niet in strijd is met het evenredigheidsbeginsel. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de coffeeshop wordt afgewezen.