ECLI:NL:RBMID:2006:AW1791
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.C.M. Reinarz
- M.J.M. Klarenbeek
- F.C.J.E. van Hemert-Meeuwis
- Rechtspraak.nl
Plaatsing in inrichting voor jeugdigen wegens bedreiging, mishandeling en vernieling
De rechtbank Middelburg heeft op 12 april 2006 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte, die meerdere feiten ten laste zijn gelegd waaronder bedreiging met een misdrijf tegen het leven, mishandeling van zijn moeder, vernieling van eigendommen en het niet voldoen aan een wettelijk bevel.
Uit het onderzoek en de bewijsmiddelen blijkt dat verdachte onder meer zijn moeder bedreigde met doodsbedreigingen, haar mishandelde en vernielingen pleegde aan haar eigendommen en woningen. Ook bedreigde hij politieambtenaren en weigerde hij een bevel op te volgen om een besloten erf te verlaten.
Gedragsdeskundigen stelden vast dat verdachte een pervasieve ontwikkelingsstoornis heeft en een jongere indruk maakt dan zijn kalenderleeftijd. Hoewel hij niet volledig ontoerekeningsvatbaar werd geacht, is zijn toerekeningsvatbaarheid verminderd. De rechtbank achtte daarom de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen passend, mede vanwege de ernst van de feiten en de noodzaak van langdurige begeleiding.
De rechtbank legde de PIJ-maatregel op en adviseerde uitvoering in een geschikte gesloten inrichting met speciale aandacht voor de stoornis van verdachte. De verdachte werd strafbaar verklaard voor alle bewezen verklaarde feiten en vrijgesproken van overige tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt geplaatst in een inrichting voor jeugdigen wegens bedreiging, mishandeling, vernieling en niet voldoen aan een wettelijk bevel, met verminderde toerekeningsvatbaarheid door een pervasieve ontwikkelingsstoornis.