ECLI:NL:RBMID:2006:AZ0543
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.C. de Regt
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering vernietiging onredelijk bezwarend beding en matiging boeterente bij vervroegde leningaflossing
LCN Holding B.V. vordert vernietiging van artikel 25 van Pro de Algemene voorwaarden voor zakelijke geldleningen van Rabobank wegens onredelijke bezwarendheid en subsidiair matiging van de boeterente die zij moest betalen bij vervroegde aflossing van een lening.
De feiten betreffen een zakelijke relatie sinds 1996 waarbij Rabobank een lening verstrekte van f 1.500.000,00. In 2004 vroeg LCN of haar dochtervennootschap een kredietverruiming van €350.000,00, waarvoor Rabobank aanvullende zekerheden verlangde in de vorm van borgstellingen. LCN stelt dat Rabobank haar door deze voorwaarden dwong haar bankzaken bij ABN AMRO onder te brengen, waardoor vervroegde aflossing noodzakelijk werd.
De rechtbank oordeelt dat Rabobank uit eigen belang aanvullende zekerheden mag verlangen als bestaande zekerheden onvoldoende zijn en dat dit niet excessief is. Artikel 25 is Pro niet onredelijk bezwarend. De boeterente is een overeengekomen vergoeding en niet vatbaar voor matiging. De vorderingen van LCN worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van LCN af en veroordeelt haar in de proceskosten.