ECLI:NL:RBMID:2006:AZ5049
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid incidentele vordering wegens gezag van gewijsde niet ontvankelijk verklaard
In deze civiele procedure vordert Seatrade dat Sucorrico c.s. niet-ontvankelijk worden verklaard in hun schadevergoedingsvordering, omdat deze volgens Seatrade reeds onherroepelijk is afgewezen in een eerdere procedure. Seatrade baseert dit op het beginsel van gezag van gewijsde en brengt dit naar voren in een incidentele vordering.
Sucorrico c.s. betogen dat dit verweer materieel van aard is en niet in een incident kan worden behandeld, maar in de hoofdzaak moet worden beoordeeld. Daarnaast stellen zij dat Seatrade haar incidentele vordering niet tegelijkertijd met een eerdere vordering tot zekerheidstelling heeft ingediend, waardoor deze niet-ontvankelijk zou moeten zijn.
De rechtbank oordeelt dat de wet geen incidentele vordering tot niet-ontvankelijkheid kent, tenzij het een puur processueel verweer betreft dat zonder inhoudelijke beoordeling kan worden behandeld. Het beroep op gezag van gewijsde vereist echter een inhoudelijke beoordeling van de vorderingen, zodat de vordering van Seatrade materieel is en niet in een incident kan worden behandeld.
Daarom verklaart de rechtbank de incidentele vordering van Seatrade niet ontvankelijk en veroordeelt haar in de proceskosten van het incident. De hoofdzaak wordt verwezen naar de rol voor het nemen van een conclusie van antwoord.
Uitkomst: De rechtbank verklaart Seatrade niet ontvankelijk in haar incidentele vordering en veroordeelt haar in de proceskosten.