ECLI:NL:RBMID:2006:AZ5777
Rechtbank Middelburg
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen afwijzing herzieningsverzoek inzake bestuursrechtelijke uitspraak
De indiener van het verzet heeft verzocht om herziening van een onherroepelijke uitspraak van de rechtbank van 2 maart 1995, waarin zijn beroepen tegen besluiten van het bestuur van de Nieuwe Industriële Bedrijfsvereniging ongegrond werden verklaard. De rechtbank heeft het herzieningsverzoek afgewezen omdat de vermeende nieuwe feiten, voortkomend uit tuchtrechtelijke procedures tegen een orthopedisch chirurg, geen feiten zijn die voor de oorspronkelijke uitspraak onbekend waren en ook geen andere uitkomst zouden rechtvaardigen.
De procedures bij het Regionaal en Centraal Tuchtcollege vonden na de oorspronkelijke uitspraak plaats en betreffen een nadere waardering van reeds bekende feiten, waardoor deze niet als nieuwe feiten in de zin van artikel 8:88 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kunnen worden beschouwd. De rechtbank heeft het verzet tegen de afwijzing van het herzieningsverzoek behandeld en geoordeeld dat het verzoek terecht kennelijk ongegrond is verklaard.
De rechtbank heeft het verzet ongegrond verklaard en benadrukt dat tegen deze uitspraak geen hoger beroep mogelijk is. Hiermee blijft de oorspronkelijke uitspraak van 2 maart 1995 ongewijzigd van kracht.
Uitkomst: Het verzet tegen de afwijzing van het herzieningsverzoek wordt ongegrond verklaard.