ECLI:NL:RBMID:2006:BB5274
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Damsteegt
- Rechtspraak.nl
Boeteoplegging wegens tewerkstelling vreemdeling zonder vergunning zonder matiging voor vriendendienst
Eiseres kreeg een bestuurlijke boete van €8.000 opgelegd wegens het laten verrichten van arbeid door een vreemdeling zonder tewerkstellingsvergunning, in strijd met artikel 2, eerste lid van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). Tijdens een controle op een bouwlocatie werd vastgesteld dat een Roemeense vreemdeling werkzaamheden verrichtte zonder vergunning. Eiseres maakte bezwaar tegen de boete en voerde aan dat het ging om een vriendendienst zonder beloning, waardoor zij niet als werkgever kon worden aangemerkt en matiging van de boete op zijn plaats was.
De rechtbank oordeelde dat de Wav een ruime definitie van werkgever hanteert en dat eiseres als werkgever moet worden beschouwd omdat zij feitelijk arbeid liet verrichten. De vriendendienst was geen uitzondering die tot matiging mocht leiden. De boete was opgelegd conform de Beleidsregels boeteoplegging Wav 2005, welke niet onredelijk zijn. Er waren geen bijzondere omstandigheden die een matiging rechtvaardigden.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de boete gehandhaafd. De uitspraak benadrukt dat persoonlijke verhoudingen zoals vriendendiensten geen grond vormen om de wettelijke boeteoplegging te matigen bij overtreding van de Wav.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete van €8.000 wegens tewerkstelling van een vreemdeling zonder vergunning wordt ongegrond verklaard.